Bespinnekopt en fraai bestoven - Komische Willem Sluiter

‘t Goe hart is ’t allerbest geregte Daar d’ eelgeboren ziel op let; Veel overdaad is voor de slechten, Die maar op ’t aardsche zijn gezet. ’t Banket, daar wij den disch meê sloten, Was ’t overluide lof-geklank, Dat wij te zaam voor God uitgoten Met geestelijk gedicht en zang. Misschien heeft haar ’t eenvoudig zingen Van bei mijn kinderkens verkwikt Meer dan ’t gevlei der hovelingen, Daar haar opregte ziel voor schrikt. Ik zag bij haar een goed genoegen. Zij achten doch geen feest vol vreugd Dan daar het harte, zonder wroegen, Nog lang daarna door blijft verheugd. Mij blijft voortaan, met alle zoetheid Een heugelijk’ erkent’nis bij Van zulk een openhartge goedheid Door dit bezoek gegunt aan mij. Haar Hoog Graaf. gen. onderd. en ootm. Dienaar W.S.

RkJQdWJsaXNoZXIy Mzg0NjU=