Bespinnekopt en fraai bestoven - Komische Willem Sluiter
Zeker tot eigen genoegen Dat Sluiter niet zelf koos voor publicatie van het gedicht over geheel onverwacht bezoek is begrijpelijk. Het is gezien zijn zeer ondergeschikte houding ten opzichte van de grafe- lijke familie in Borculo niet waarschijnlijk, dat hij het de genoemde dames ooit liet lezen. Hiervoor lijkt de inhoud te frivool. Bij het gedicht aan zijn nicht Armgerdina Binkhorst in Arnhem lag dit geheel anders. Die bedankte hij dat zij hem tijdens de vlucht aan het eind van zijn leven gastvrij had onthaald met een bovenkamertje. Allicht heeft Sluiter zijn grappige gedicht wel laten lezen aan goede vriend en collega Mag- nus Umbgrove uit Borculo. In elk geval heeft hij met veel genoegen voor zichzelf de situatie vastgelegd in dichtregels. Dit typeert hem. Zo tilde hij zichzelf dus uit alle moeilijkheden op, net als de kleine leeuwerik, die jubelend opstijgt. Met die vogel vergeleek taal- en letter- kundige Klaas Heeroma (bekend als dichter onder het pseudoniemMuus Jacobse) hem bij zijn herwaardering voor deze dichter. [7] Sluiters gedicht uit de almanak bleef niet onopgemerkt. H.N. van Til wijdde in zijn boek over belangrijke Nederlandse mannen [8] in 1846 een hoofdstuk aan Sluiter en nam het ge- dicht met een verwijzing geheel over, zij het zonder de aanhef en het beleefde slot. P. Duys nam er ook enkele regels van over in zijn novelle De redding van een dichter , uit 1865. Met overdrijving en humor De gravin en haar dochter overvielen Sluiter op 30 maart 1671 met een bezoek tegen etenstijd. Kennelijk waren ze niet gerust op het functioneren van de huishouding van Sluiter, die was aangewezen op de hulp van een meid. Met enige overdrijving en humor reageerde hij in dichtvorm op hun komst. Al na een paar vierregelige verzen zag hij echter kans de voordelen van zijn sobere levensstijl te schilderen. Hij slaagde er zelfs in volledig in eigen geest ook nog een vrome draai te geven aan de reste- rende regels, waarin de twee kinderen, acht en zeven jaar toen, aan het begin en het slot op aandoenlijke wijze hun rol vervullen. Over geest van de Moderne Devotie, een geestelijke stroming uit de tijd voor Sluiter, die doorklinkt in zijn werk, zal niemand in dit verband snel spreken. Het stempel van Nadere Reformatie, een latere stroming, die op grote delen van zijn werk is geplakt, krijgt deze poë- zie in elk geval ook niet. Toch leren we er Willem Sluiter goed in kennen en zijn vreugde. Het complete gedicht, met aanhef en onderschrift, zoals in 1837 afgedrukt in Geldersche Volks-almanak , leest u op de volgende pagina. Arend J. Heideman Gelselaar, juni 2026
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy Mzg0NjU=