header willem sluiter

Feest rond oude Sluiterbundel die poëzie wekte in Heuvel

Heuvel en Sluiterbundel bewerkt-1

Een oude Sluiterbundel wekte poëzie in de jonge Hendrik Willem Heuvel. Hij schreef mede hierdoor een eeuw geleden een boek over dichter en dominee Willem Sluiter. Twee grote Achterhoekers waren zo verbonden met elkaar. De oude gedichtenbundel is in Heuvels nalatenschap herontdekt en krijgt een plek in museum De Lebbenbrugge in Borculo. Dit wordt in het najaar gevierd, in het kader van feestelijkheden rond 350 jaar Achterhoek.

De studiekring H.W. Heuvel heeft de officiële overhandiging van de dichtbundel aangegrepen voor het organiseren van dit culturele evenement. Het wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met de Meester H.W. Heuvelstichting, die het boerderijmuseum in Borculo onder haar hoede heeft. Een belangrijke reden voor dit feest is dat leden van de studiekring steeds meer opvalt hoe poëtisch Heuvel was ingesteld en schreef. Sterk klinkt dit aspect door in zijn klassieker Oud-Achterhoeksch Boerenleven. Al in het januari-hoofdstuk van Heuvels bekendste boek krijgt het oude Sluiterboek aandacht. Zijn overgrootvader Hendrik Koelman, die woonde op Blauwhand in Oolde bij Laren, was de bezitter. Hij schreef in de bundel uit 1716 ook zijn naam. Voor tien stuivers was deze in 1835 ingebonden, vermeldde hij hierbij.

Jeugdherinneringen van Heuvel aan Sluiter

Vooral Heuvels eigen herinneringen aan de bundel zijn interessant. Op de eerste pagina van zijn in 1919 verschenen boekje over Willem Sluiter vertelde Heuvel dat bij hem thuis, op Blauwhand, in een antiek boekenkastje een oud exemplaar stond met de complete werken van Willem Sluiter. En dat de grootvader van zijn moeder de eerste eigenaar was. Belangrijker is wat Heuvel hierbij schreef over zijn moeder, met wie hij zo’n nauwe band had en die hem ook met interesse voor de poëzie sterk heeft beïnvloed: “Moeder kende heele stukken uit Sluyters (door Heuvel met een y geschreven) gedichten van buiten, al hield zij in die dagen veel meer van Tollens, Beets en ten Kate.” En de genoemde grootvader las volgens zijn moeder op zondagmiddag altijd maar weer in zijn Sluiterboek. Voor veel Achterhoekers was dit hun enige boek naast de Statenbijbel.

Toen Heuvel zelf zeventien jaar was, heeft hij ook wel eens in het Sluiterboek gelezen: “Zoo goed herinner ik mij een grijzen Decemberdag; gezeten bij het helder vlammend vuur in onze ouderwetsche boerenkeuken zat ik verdiept in Sluyter, nu hier dan daar een stukje kiezend, en over mij kwam een zachte ontroering, een geur van zeer verre tijden, een ademtocht van mystieke vroomheid, bij het zacht wiegen op de deining der eentonige verzen. Was dat poëzie? Heb ik me later wel eens afgevraagd.”

Kleinzoon Heuvel laatste bezitter

Een kleinzoon van meester Heuvel was de laatste bezitter van de Sluiterbundel. Na zijn overlijden kwam deze beschikbaar voor de Heuvelstichting. Hierbij kwam ook aan het licht dat dit het exemplaar is dat zo veel betekende voor Heuvels poëtische ontwikkeling. Besloten is daarop dat de bundel een plek zal krijgen op zijn bureau, dat al in De Lebbenbrugge staat. Bij het feest van de studiekring wordt het boekwerk officieel overgedragen.

Een werkgroep van de studiekring H.W. Heuvel, onder leiding van Ben Wagenvoort uit Eefde, werkt nu aan een feestelijk cultureel evenement, waarover later meer informatie volgt. Wagenvoort treedt zelf de laatste tijd ook op met een programma over de poëtische Heuvel.